RSC antwoorden op veelgestelde vragen, ONDERWIJS

Vragen en antwoorden BES onderwijs

 

Transitie

 

Wat verandert er voor het onderwijs per 10-10-10?

Per 10-10-10 verandert er nog heel weinig. De Landsverordeningen blijven van kracht tot 1 januari 2011.

Het enige dat per 10-10-10 verandert, is dat het onderwijs vanaf die datum onder het toezicht van de Nederlandse Inspectie van het Onderwijs valt.

Wanneer gaat er iets veranderen voor het onderwijs?

Per 1 januari 2011 treden de Nederlandse regels voor de bekostiging in werking. Vanaf 1 augustus 2011 worden de regels voor de inhoud van het onderwijs van kracht. Niet alle bepalingen treden echter meteen in werking. De invoering zal geleidelijk gebeuren over een periode van maximaal 5 jaar.

 

Communicatie

 

Wanneer komt er voorlichting over de onderwijswetgeving?

Zo spoedig mogelijk. Het ministerie van OCW is nu bezig met de voorbereiding van een aantal korte documenten voor de verschillende groepen geïnteresseerden (ouders, leerlingen, leraren, bestuurders). Aparte voorlichting zal worden gegeven over alles wat samenhangt met de nieuwe regels voor de bekostiging.

 

Financiering

 

Bekostiging

 

Is er bij de bekostiging rekening gehouden met de kosten die de scholen nu maken?

Het ministerie van OCW heeft samen met de dienst Financiën van het eiland bestuur en de schoolbesturen per school de huidige financiële situatie vastgesteld. Ondermeer op basis van deze informatie zal het bekostigingsniveau per 1 januari 2011 voor de scholen bepaald worden.

 

Komt er een overgangsperiode?

Per 1 januari 2011 golden tijdelijke rekenregels. Deze zullen vooralsnog 5 jaar gelden. De definitieve rekenregels voor de bekostiging van primair onderwijs (het huidige funderend onderwijs), voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs (het huidige secundair beroepsonderwijs) op do BES-eilanden zullen op basis van gegevens die OCW de komende jaren zal verzamelen, in overleg met do schoolbesturen op de BES worden vastgesteld. Zodra in overleg met de schoolbesturen, op basis van voldoende gegevens, de definitieve rekenregels zijn vastgesteld, zal bepaald worden wat voor overgangsperiode wenselijk is voor do scholen om te groeien naar de nieuwe bekostigingshoogte die iedere school zal ontvangen.

 

Houdt de lumpsum rekening met achterstandsleerlingen?

In de lumpsum is een bedrag meegenomen voor de bestrijding van onderwijsachterstanden. Dit is een percentage waarmee de bekostiging wordt opgehoogd. 

 

We streven naar een vergelijkbaar kwaliteitsniveau van Nederland. Wordt het qua bekostiging ook een vergelijkbare bekostiging als Nederland?

We streven naar een vergelijkbaar kwaliteitsniveau, maar de scholen op de BES-eilanden bevinden zich in een andere situatie dan de scholen in het Europese gedeelte van Nederland. Daarom zal er geen sprake zijn van een vergelijkbare bekostiging zoals we die in het Europese gedeelte van Nederland kennen. In plaats daarvan zullen in overleg met do schoolbesturen rekenregels voor de bekostiging van het onderwijs op do BES, die recht doen aan de specifieke situatie, worden vastgesteld.

 

Komen er vergelijkbare voorzieningen als in Nederland, zoals bijvoorbeeld een computerlokaal?

Vindt er een inhaalslag plaats?

De afgelopen twee jaar zijn we al bezig geweest met een inhaalslag. Er is door alle betrokken partijen veel inzet gepleegd om het onderwijs op de BES-eilanden te verbeteren. Er is onder andere geïnvesteerd in lesmateriaal, het opleiden van docenten tot intern begeleider/zorgcoördinator, in schoolbussen, in huisvesting en in het afnemen van toetsen.

Daar naast ontvangt het eilandbestuur per 1 januari 2011 middelen in het BES-fonds voor voorzieningen in do onderwijshuisvesting en ontvangt het schoolbestuur per 1 januari 2011 middelen in de lumpsum voor materiele zaken, zoals inventaris en leermiddelen.

 

Ondersteuning scholen

 

Krijgen de schoolbesturen en de schoolleiding steun bij het omgaan met lumpsum bekostiging?

Ja. We stellen middelen beschikbaar om scholen in staat te stellen een administratiekantoor voor de BES op te richten.

 

Welke organisaties uit Nederland kunnen daarin een rol spelen?

De zogenoemde sectorraden, do PO-Raad, VO-Raad en MBO-Raad kunnen scholen hierbij ondersteunen.

 

Zijn er kosten verbonden aan lidmaatschap van deze raden?

Nee, voorlopig niet in de toekomst wel.

 

Extra investeringen

 

Hoeveel geld zal er voor het onderwijs beschikbaar zijn na de transitie?

De begroting van de regering (inclusief het ministerie van OCW en dus het geld voor onderwijs) voor 2011 wordt pas op de derde dinsdag van september (Prinsjesdag) openbaar. Voor die datum kunnen er geen mededelingen over gedaan worden. Het ministerie van OCW zal de scholen voor augustus 2010 laten weten wat de hoogte van de bekostiging voor het schooljaar 2010/2011 wordt (onder voorbehoud dat de begroting van de regering in zijn geheel wordt goedgekeurd).

 

Schoolboeken voortgezet onderwijs

 

Betaalt Nederland de boeken weer komend schooljaar? Wordt dit ieder jaar opnieuw bekeken voor de boeken?

Na de transitie zullen de boeken - net als in het Europese gedeelte van Nederland - voor het primair- (het huidige funderend onderwijs) en voortgezet onderwijs structureel gratis zijn (schoolboeken worden vanuit de lumpsum betaald door de scholen); dat geldt- net als in het Europese gedeelte van Nederland - niet voor de sector SBO. Voor deze sector is vorig jaar voor de BES eenmalig een uitzondering op deze regel gemaakt.

 

Ouderbijdragen

 

Welke bijdragen moeten de ouders betalen voor het onderwijs van hun kinderen?

Het onderwijs aan publiek bekostigde scholen is gratis.

De Nederlandse overheid verstrekt de scholen via de lumpsum geld waarmee de schoolboeken voor het primair- (het huidige funderend onderwijs) en het voortgezet onderwijs worden betaald.

Aan ouders mag slechts een niet verplichte ouderbijdrage worden gevraagd.

 

Studiefinanciering

 

Komt er Studiefinanciering?

Op basis van de WSF BES kunnen studenten voor zowel middelbaar beroepsonderwijs als hoger onderwijs studiefinanciering krijgen. Het moet gaan om voltijdse opleidingen. Voor zowel een middelbare beroepsopleiding als een opleiding in het hogeronderwijs heeft een student aanspraak op vier jaar prestatiebeurs.

Men krijgt studiefinanciering vanaf het begin van de opleiding. Voor aanspraak op studiefinanciering geldt dus in beginsel geen minimum leeftijd. Minderjarigen zullen net als in Nederland het recht hebben om aanvragen in te dienen.

Als men de opstart toelage wil ontvangen, moet men ook in aanmerking kunnen komen voor studiefinanciering op grond van de WSF 2000. Dat houdt in dat die persoon, als hij een beroepsopleiding in het Europese deel van Nederland gaat volgen, 18 jaar of ouder zijn. Dit is nodig om te kunnen aansluiten bij de Nederlandse situatie. In het Europese deel van Nederland krijgt men voor het volgen van een beroepsopleiding namelijk ook pas studiefinanciering als men 18 jaar of ouder is.

Voor VWO'crs is er geen studiefinanciering. Dit zijn leerlingen en geen studerenden.

 

Worden studenten -net als nu- begeleid tijdens hum studie in Nederland?

OCW zal nagaan wat de beste manier van begeleiden van studenten afkomstig van de BES naar en in Nederland zal zijn. Mogelijk zal gebruik worden gemaakt van de dienstverlening door SSC (Bonaire) en S4 (Sint Eustatius en Saba).

 

Komt er voorlichting over de studiefinanciering?

 

OCW zal de voorlichting ter hand nemen en er voor zorgen dat van uit het RSC voldoende en tijdige informatie beschikbaar zal zijn.

 

Wat gebeurt er met de studiefinanciering voor studenten die al studeren met studiefinanciering?

De rechten die studenten hebben aan het begin van het studiejaar 2010/2011, zullen onverminderd worden voortgezet. Hetzelfde geldt voor de opleidingen waarvoor men toestemming heeft die te volgen.

Voor Saba ligt het gezien de CXC planning iets anders. Studenten van Saba zullen ook begin 2011 nog een aanvraag kunnen indienen bij hot RSC. Daar zal over de eerste aanvraag beslist worden onder verantwoordelijkheid van Nederland.

 

Leraren en arbeidsvoorwaarden

 

Tekort

 

Het tekort aan leraren, hoe wordt dit opgelost?

We realiseren ons dat de scholen op do BES-eilanden voor grote uitdagingen staan

om genoeg leraren van voldoende kwaliteit te vinden. Ook in Nederland kampt men met een tekort aan onderwijspersoneel. Maar het werven van personeel en het zorgen voor vervanging bij ziekte of andersoortige afwezigheid van leraren is een verantwoordelijkheid van het schoolbestuur. Dat is nu zo, en dat blijft zo.

 

Lesuitval

 

Er is heel veel lesuitval. Wat wordt daar aan gedaan?

Het werven van personeel en het zorgdragen voor vervanging bij ziekte of andersoortige afwezigheid van leraren is een verantwoordelijkheid van het schoolbestuur. Dat is nu zo, en dat blijft zo.

 

Bevoegdheden

 

Behouden leraren hun bevoegdheden?

De Nederlandse bekwaamheidseisen worden van toepassing op de BES.

Voor zittende bevoegde leraren op de BES (d.w.z. leraren die de dag vóór de transitie bevoegd zijn naar Nederlands Antilliaans recht en onderwijs geven aan ten van de scholen op de BES) geldt dat deze bevoegd zullen blijven.

Leraren die nu niet in het bezit zijn van een bevoegdheid volgens de huidige Antilliaanse regelgeving moeten binnen 5 jaar over een bevoegdheid beschikken.

 

Salaris

 

Worden het salaris aangepast (ook van leidinggevenden)?

De salarisniveaus van het onderwijspersoneel (inclusief directie) ondergaan als gevolgvan de transitie geen wijziging. Op grond van de wet materieel ambtenarenrecht BES heeft het bestuurscollege de bevoegdheid om de bezoldigingsregeling voor het onderwijspersoneel vast te stellen. Dat blijft vooralsnog zo. Binnen de nieuwe lumpsumbekostiging dienen de schoolbesturen deze salarissen echter zelf te betalen, en kunnen de salariskosten niet meer worden gedeclareerd bij het bestuurscollege.

Het voorstel aan de eilandbesturen is om in de onderwijswetten BES een artikel op te nemen waarin wordt geregeld dat het bestuurscollege (dat bevoegd gezag is van het openbaar onderwijs) met alle betrokken schoolbesturen in het bijzonder onderwijs en met do onderwijs vakbond(en) of, bij het ontbreken daarvan, met een representatief te achten vertegenwoordiging van het onderwijs personeel, op overeenstemming gericht overleg dient te voeren over de vaststelling of wijziging van de bezoldigingsregeling. Daarmee wordt voorkomen dat de schoolbesturen in het bijzonder onderwijs worden geconfronteerd met salariskosten waarop zij geen invloed kunnen uitoefenen.

 

De salarissen blijven op hetzelfde niveau, maar er zijn wel verschillen qua salaris tussen mensen met dezelfde taken. Is hier een rol voor het ministerie of voor de inspectie in?

Nee, dit is een verantwoordelijkheid van het bestuurscollege dat de bezoldigingsregeling voor het onderwijspersoneel vaststelt en van het schoolbestuur, dat verantwoordelijk is voor hot personeelsbeleid van de school. Hierin is ook een rol weggelegd voor de medezeggenschap.

 

Pensioen

 

Gaat de pensioenleeftijd omhoog?

Ja, de pensioenleeftijd (die nu nog 6o jaar is) wordt gekoppeld aan do AOV-leeftijd (AOV= Algemene Ouderdomsverzekering), die gefaseerd wordt verhoogd. De eerste stap tot verhoging van de AOV-leeftijd zal met ingang van 2015 zijn gerealiseerd. De AOV-leeftijd is dan 62 jaar. Vanaf 2021 zal de AOV-leeftijd 65 jaar zijn.

 

Komt er pensioen voor privé scholen?

Nee. Het personeel in het niet bekostigde onderwijs valt niet onder het huidige Algemeen Pensioenfonds Nederlandse Antillen (APNA) en het nieuwe pensioenfonds (Stichting Pensioenfonds BES) voor ambtenaren op de BES.

 

 

 

Medezeggenschap

 

Hoe wordt de medezeggenschap geregeld?

Medezeggenschap is passend in de toekomstige bestuurlijke verhoudingen. Scholen krijgen meer verantwoordelijkheid over de te besteden middelen. Het instellen van een medezeggenschapsraad naar Nederlands model is pas mogelijk als het democratiseringsproces op scholen goed op gang is gekomen. Het gaat om een bewustwordingsproces bij zowel schoolbesturen, personeel als ouders (en in het voortgezet onderwijs ook leerlingen). Dit vergt een behoorlijke ommezwaai. Hiervoor is veel voorlichting nodig (via voorlichtingsmateriaal en voorlichting door deskundigen vanuit de praktijk).

Invoering van de Nederlandse Wet Medezeggenschap Scholen voor de BES is daarom pas op termijn mogelijk. In overleg met de betrokkenen op de eilanden zal worden bepaald op welke termijn invoering mogelijk en wenselijk is. Tot die tijd wordt ecn 'minimale' bepaling in de van toepassing zijnde onderwijswetten over medezeggenschap opgenomen. Deze bepaling is conform de bepaling over medezeggenschap in de landsverordening secundair beroepsonderwijs.

 

Onderwijsinhoud

 

Rechten

 

Krijgt straks elke inwoner van de BES het recht maar vooral ook de kans op goed onderwijs en een baan of is dit alleen weggelegd voor de Nederlander en de meer welgestelde Antilliaan?

leder kind- of het nu van Antilliaanse of Nederlandse afkomst is- heeft er recht op zijn/haar talenten te ontwikkelen en op school een goede basis te leggen voor zijn/haar latere leven. De maatregelen die nu samen met de bestuurscolleges worden genomen om de kwaliteit van het onderwijs op de eilanden te verbeteren, zijn voornamelijk gericht op het publiek bekostigde onderwijs. Denk aan de gratis schoolboeken, het leermateriaal, de scholing voor leraren etc.

 

Caribische achtergrond

 

Wat gebeurt er met vakgebieden met een Caribische achtergrond?

In het primair onderwijs (het huidige funderend onderwijs) is bij do formulering van de kern doelen bij een aantal vakken rekening gehouden met de Caribische context. In het voortgezet onderwijs zal voor vakken als aardrijkskunde, geschiedenis en dergelijke de Caribische context blijven.

 

 

Examens en eindtermen

 

De verwachting is dat Nederlandse examens in 2015/2016/2017 afgenomen worden Wat gebeurt er in de tussentijd?

Er is een overgangsperiode die dient als aanloop naar de Nederlandse examens. Per 01-08-2011 wordt de nieuwe lichting 1ejaars leerlingen opgeleid voor een Nederlands diploma. De leerlingen zullen dus pas voor het eerst een Nederlands examen afleggen in 2015 (VSBO), 2016 (HAV0) en 2017 (VWO). Tot die tijd leggen de leerlingen nog de NA- examens af. Er zal ook rekening gehouden worden met zittenblijvers en leerlingen die zakken door een zogenoemd bezemjaar. Daarnaast blijft voorlopig de mogelijkheid om een NA- staatsexamen te doen.

 

Wanneer worden de eindtermen bekendgemaakt?

Ruim voor de start van het schooljaar 2011/2012 zullen de kerndoelen en eindexamenprogramma's met eindtermen tijdig bekend moeten worden gemaakt.

 

Taal

 

Instructietaal

 

Wat wordt de instructie taal en de examen taal in het onderwijs?

In het primair onderwijs (nu: funderend onderwijs) wordt uitgegaan van twee instructietalen (Bonaire: Nederlands en Papiaments; Sint Eustatius: Nederlands en Engels) met een gelijkwaardige status.

Op Saba wordt uitgegaan van een instructietaal: Engels. Nederlands is een apart vak, Het minimum beheersingsniveau van zowel het Nederlands als het Papiaments / Engels wordt vastgelegd in kerndoelen. Aan het aan het einde van de basisschool moet dat beheersingsniveau voldoende zijn om goed te kunnen instromen in het voortgezet onderwijs. Het is aan de scholen zelf om te bepalen hoe dat niveau wordt gehaald en (dus) of men les geeft in het Papiaments of Nederlands.

In het voortgezet onderwijs blijft op Bonaire en Sint Eustatius de examenstructuur Nederlands, de examentaal Nederlands en de instructietaal Nederlands.

Dit betekent dat de hoofdregel is dat het Nederlands de instructietaal is in het onderwijs en de taal waarin de examens worden afgenomen.

Dit laat onverlet dat het in praktijk zal voorkomen dat een docent gebruik kan maken van het Papiaments of Engels voor aanvullende toelichting.

Uitzondering is de instructietaal in het AGO (in de toekomst wordt dit praktijkonderwijs) (Papiaments of Engels), dat geen examens kent. Hierbij blijft het Nederlands als vak behouden

Op Saba blijft voorlopig de examenstructuur CXC, de examentaal Engels en de instructietaal Engels. Het examenvak Nederlands wordt versterkt, opdat Nederlandstalig vervolgonderwijs ook voor Sabaanse leerlingen toegankelijk wordt.

 

Vergt de taalsituatie extra aandacht?

We realiseren ons dat Nederlands voor veel kinderen niet de moedertaal is, en ook niet een tweede taal. Het is een vreemde taal. Dat vergt extra aandacht van de scholen in het curriculum, en bijvoorbeeld de inzet van goede leerkrachten Nederlands, of leerkrachten die het Nederlands goed beheersen. Daarover zijn we met de scholen in gesprek, hoe ze dat kunnen aanpakken.

 

Taken Openbaar lichaam

 

Wat verandert er op het gebied van de taken van het eilandbestuur?

Het eilandbestuur zal na de transitie geen rol meer hebben bij de bekostiging van de scholen, die gaat na 1 januari 2011 rechtstreeks van het ministerie naar de scholen. Het eilandbestuur krijgt "vrije middelen" uit het zogenaamde BES-fonds waarmee ook een aantal taken op het terrein van onderwijs moet/kan worden uitgevoerd. Die taken zijn onder meer het zorgen voor de onderwijshuisvesting, het leerlingenvervoer, het toezien op de leerplicht en het verzuim. Daarnaast blijft het eilandbestuur het bevoegd gezag van het openbaaronderwijs.

 

Is het een taak van het eilandbestuur om volwasseneneducatie aan te bieden?

Het is geen wettelijke taak van het Eilandbestuur. Ze kunnen ervoor kiezen volwasseneneducatie aan te bieden, die wordt dan echter niet bekostigd. Bekostiging moet dan plaatsvinden met de middelen uit het BES-fonds.

 

Zorg

 

Wat is de streefdatum voor de inrichting van het zorgcentrum?

De wetgeving inzake de zorgstructuur treedt in werking per 1 augustus 2011, dit is ook de streefdatum waarop het Expertisecentrum Zorg (wellicht nog met over de volle breedte) operabel moet zijn. Met het inrichten van een samenwerkingsverband (SWV) en het opzetten van een Expertisecentrum Onderwijszorg (EOZ) kan al per 1 augustus 2010 worden gestart. OCW faciliteert per 1 augustus 2010 per eiland de aanstelling van een procesbegeleider zorg. Deze procesbegeleider krijgt als taak om tot 1 augustus 2011 voorbereidende en ondersteunende werkzaamheden te treffen voor de oprichting van een SWV en een EOZ. Aan de gedeputeerde van onderwijs is gevraagd om een gcschikte kandidaat voor deze positie voor te dragen.

 

Hoe gaat het in de periode tot 01-08-2011, zolang het zorgcentrum er niet is?

Zolang de wetgeving inzake de zorg nog niet in werking is getreden (en er nog geen SWV en EOZ is op het eiland) blijft de huidige landsverordening van kracht. In de huidige landsverordening is opgenomen dat de school met een handelingsplan zou moeten werken en passend onderwijs moet bieden aan de leerling.

 

Komen er rugzak(scholen)?

Nee, uitgangspunt is dat leerlingen met een specifieke onderwijsbehoefte zoveel mogelijk onderwijs zullen volgen binnen het reguliere onderwijs. Scholen ontvangen, als onderdeel van de totale bekostiging, middelen om lichte zorg te kunnen bieden. Deze middelen kunnen bijvoorbeeld worden ingezet om een intern begeleider te betalen, om remediërend lesmateriaal aan te schaffen of om benodigde hulpmiddelen te kunnen kopen. Op alle scholen heeft inmiddels een of meerdere medewerkers een cursus tot intern begeleider of zorgcoördinator gevolgd.

De tweede lijnszorg wordt verricht door her Expertisecentrum Onderwijs Zorg (EOZ), eventueel­ afhankelijk van de problematiek- in samenwerking met het Centrum voor Jeugd en Gezin. Bij tweedelijnszorg voor leerlingen gaat het om leerproblemen, lichamelijke beperkingen, gedragsstoornissen en/of sociaal-emotionele problemen die de draagkracht en expertise van de school te boven gaan. In eerste instantie zal her EOZ vooral ondersteuning bicden aan leerlingen binnen een school/instelling.

Voorts kunnen leerlingen worden opgevangen binnen het EOZ indien deze leerlingen niet kunnen worden opgevangen binnen het onderwijs. Dat leerlingen niet binnen de reguliere school kunnen worden opgevangen, moet blijken uit het handelingsplan van de betrokken leerling, dat altijd in overeenstemming met de ouders, verzorgers of voogden wordt vastgesteld. Hiervoor gaat het initiatief uit van de school/instelling op basis van de resultaten van gevalideerde testen of toetsen. Het EOZ kan zowel tijdelijk (bijvoorbeeld als reboundvoorziening) of voor langere tijd zorgdragen voor de opvang van zorgleerlingen (het gaat hierbij om leerlingen uit de sectoren primair onderwijs (het huidige funderend onderwijs), voortgezet onderwijs of middelbaar beroepsonderwijs (het huidige secundair beroepsonderwijs). In alle gevallen blijft de school, waar de leerling staat ingeschreven, verantwoordelijk voor het onderwijs aan de leerlingen.

 

Privescholen

 

Verandert er iets voor de privé-scholen?

Leerlingen in het primair- (het huidige funderend onderwijs) en het voortgezet onderwijs kunnen alleen aan hun leerplicht voldoen als ze zijn ingeschreven op een school in het kader van de leerplichtwet. De eisen voor een (particuliere) school om als school in het kader van de leerplichtwet aangewezen te worden, staan in de leerplichtwet BES (LPW BES).

De inspectie ziet hierop toe op basis van het toezichtkader voor het niet bekostigd onderwijs. Niet-bekostigde scholen die 'scholen' zijn in de zin van de Landsverordening leerplicht worden ook scholen in de zin van de LPW BES.